Het leven is als een frikandel

Het is benauwd in het lokaal, al staat de airco te loeien in een poging de warmte te verdrijven. Het zweet plakt mijn shirt op m’n rug terwijl ik hakkel en nerveus naar woorden zoek die ergens in mijn hoofd zitten, maar die ik niet kan vinden nu het moet. Ondertussen pieker ik ook nog over het feit dat ik op het poetsen van mijn tanden na niets aan mijn uiterlijk heb gedaan. Mijn wijde blauw-witte lange broek met drukke print past totaal niet bij mijn nog wijdere roze-witte gestreepte shirt. Mijn nog ongekamde haar zit in een slordige knot op mijn hoofd en op de tafel naast me ligt mijn leuke – maar niet echt serieus te nemen, want knalroze met andere neon kleuren – boodschappentas. Heb jij weleens geprobeerd om heel erg uit te stralen dat het je niet uitmaakt hoe je eruitziet terwijl je ondertussen getest wordt op het niveau van je Arabisch?

Het begon vanochtend met een reeks aan toevalligheden. Toevallig vergat Piebe zijn telefoon toen hij naar zijn werk ging. Toevallig had ik hem niet vanaf het balkon uitgezwaaid, maar bij de voordeur en draaide ik me, zodra de deur in het slot viel, om naar de tafel en ergerde me aan de rommel die erop lag. Toevallig besloot ik het direct even op te ruimen in plaats van later en kwam ik, jawel, daarbij Piebes telefoon tegen. En toevallig had Piebe pas op kantoor door dat zijn telefoon niet in zijn tas zat. Dus het zou hem minstens twintig minuten kosten om weer heen en weer te gaan.

Ik zuchtte, maar besloot dat het handigste zou zijn als ik bij de ambassade langs zou lopen en daarna direct de boodschappen voor vanavond in huis zou halen. Dat zou later op de dag weer schelen.

Ik poetste mijn tanden en verruilde mijn korte broek (ongeschikt voor op straat) en hemdje (idem) voor de eerste de beste broek en shirt die ik tegenkwam. Ik greep mijn vrolijke boodschappentas en ging op weg. Nadat ik de telefoon aan Piebe overhandigd had, bedacht ik me dat ik eigenlijk ook wel direct even bij die ene taalschool kon gaan informeren hoe het zit met hun lessen Arabisch. Ik was dichtbij, het zou maar een paar minuten kosten. En dus ging ik op weg.

Voor de volledigheid van het verhaal moeten we nog een korte sprong in de tijd maken. Na een onbeschrijfelijk geweldige vakantie van vier weken in een totaal andere wereld dan Egypte waren we twee weken terug weer geland in ons normale dagelijkse leven. En ik kon mijn draai niet vinden.

De temperaturen waren hoog met gevoelstemperaturen die opliepen tot maar liefst 47 graden. Zwemmen – mijn uitlaatklep bij uitstek – kon niet door een aanhoudende schouderblessure. Mijn vrijwilligerswerk werd twee keer afgezegd door een combinatie van Egyptische feestdagen en wat logistieke miscommunicatie. En tijdens die werkelijk zalige vakantie had ik bedacht dat het onzin is dat ik al maanden naar een taalschool ga waar het niveau zo laag ligt dat het grootste voordeel van de school is dat het op loopafstand van huis is.

Dus we waren weer thuis en ik kon mijn ritme niet vinden. Ik had de taalschool geïnformeerd dat ik niet meer terugkwam en kon niet naar mijn vrijwilligerswerk. Ik had nergens zin in, niet in schrijven (‘geen inspiratie/geen zin om aantekeningen uit te werken’), niet in koken (‘veel te heet’), niet in zwemmen (‘lukt toch niet’) en niet in het huishouden. Oké, ik beken: in het huishouden heb ik nooit zin. Maar je begrijpt wat ik bedoel.

Ik werd simpel van mezelf.

En toen vergat Piebe zijn telefoon. En gaf ik mezelf een figuurlijke schop onder m’n achterste.

Ik meldde me bij de bewaker van het (deels Nederlandse) instituut en werd doorverwezen naar de receptie. Er zat nog niemand achter de balie, maar het was nog vroeg, dus ik besloot toch maar te wachten. Nu ik eindelijk actie ondernam moest er ook resultaat komen. Na tien minuten wachten, kwam er een vriendelijke receptioniste die me een beetje vreemd aankeek, maar me toch doorverwees naar een Nederlandse meneer. Daarna ging het snel. Binnen een paar minuten had ik alle benodigde info en stelde hij me aan een Egyptische collega van hem voor die me direct op mijn Arabisch wilde testen.

En zo zat ik dus totaal onvoorbereid te zweten in een benauwd kelderlokaal tijdens een fikse mondeling Arabisch. En weet je, afgezien van de kleding was het eigenlijk perfect: ik had geen tijd gehad om me zenuwachtig te maken over de test en mijn Arabisch was zoals het altijd is als ik ineens moet converseren (wat het hele probleem is). De goedlachse docent zaagde me flink door, maar was tevreden over wat hij hoorde. Na afloop vertelde hij dat mijn Arabisch een stuk beter was dan hij had verwacht.

Morgen kan ik direct terecht voor mijn eerste les. Stiekem ben ik heel trots op mezelf dat ik ein-de-lijk actie ondernomen heb en word ik heel blij van het vooruitzicht dat ik morgen weer ‘naar school’ ga. Maar ik had het allang kunnen weten, mijn favoriete levensmotto is niet voor niets al jaren:

Het leven is als een frikandel.
Je moet het het zelf speciaal maken.

Ook in Cairo!

Advertenties

Een gedachte over “Het leven is als een frikandel

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s